Palliatieve zorg

Palliatieve zorg is de zorg voor mensen met een terminale ziekte. Veel mensen zoeken aan het eind van hun leven naar middelen om hun pijn te bestrijden en de symptomen van hun ziekte(n) zoveel mogelijk te beperken. Cannabis kan hier een bijdrage leveren. In Israel krijgen terminale patiënten wel cannabis als onderdeel van de palliatieve zorg. Het is effectief gebleken tegen chronische pijn, misselijkheid en verlies van eetlust.[1] Medicinale cannabis wordt in Nederland niet (standaard) geadviseerd bij patiënten in de palliatieve fase met misselijkheid en/of braken.[2]

In Duitsland wordt het gebruik van cannabis bij pijnpatiënten en in de palliatieve zorg ondersteunt! “Patienten, die alle behandelingen en opties hebben ontvangen volgens de medische richtlijnen en wiens lijden kan worden verlicht of verbeterd door het gebruik van cannabis extracten, moeten toegang voor die medische zorg kunnen krijgen”[3]

Het therapeutisch gebruik van cannabis is veilig en efficiënt bij de oudere populatie, een studie door onderzoekers van de Ben-Gurion University van de Negev in Be’er-Sheva, Israel, concludeerde dit bij een groep van 2736 patiënten boven de 65 jarige leeftijd, die deelnamen aan een enquete. De gemiddelde leeftijd was 74.5 jaar. De meest voorkomende indicatie voor de cannabisbehandeling waren pijn (66.6%) en kanker (60.8%). Het therapeutisch gebruik van cannabis is veilig en efficiënt bij de oudere populatie. Cannabis gebruik zal het gebruik van andere voorgeschreven medicijnen verminderen, inclusief opiaten.”[4]

Meer weten over medicinale cannabis? Kijk op de website van de BMC. Meer wetenschappelijk onderzoek is te vinden op de IACM website.

 

[1] studies-cannabis-vertraagt-ontwikkeling-kanker/

[2] http://www.oncoline.nl/index.php?pagina=/richtlijn/item/pagina.php&id=37266&richtlijn_id=935

[3] Bundesrat Printing 135/15 (Enactment) 08.05.15

[4] Abuhasira R, Schleider LB, Mechoulam R, Novack V. Epidemiological characteristics, safety and efficacy of medical cannabis in the elderly. . EUR J Intern Med, 1. Februar 2018 [im Druck]